 |  |  |  |
De nieuwe ridders van koning Arthur. | Van de jongens, die uittrokken om koning Arthur te helpen | 
|  Eens gebeurde het, dat koning Arthur in zijn eigen land van twee kanten tegelijk door vijandelijke legers bestookt werd. In het noorden deden zeven koningen met grote legers een inval in het land en in Wales trokken een aantal heidense koningen met hun troepen het land binnen. Het was een moeilijke tijd voor de koning, want als hij in het noorden tegen de vreemde koningen vocht, namen de heidenen die gelegenheid waar, om in het zuiden de dorpen uit te plunderen en de arme bewoners te mishandelen en te doden. 
| Koningin Morgven, de vrouw van koning Lot van de Orkaden, had vijf zonen. Eens op een dag zat ze met haar jongste zoontje Mordred bij de grote vuurhaard in haar kasteel en dacht er aldoor aan, hoe mooi en dapper haar vier oudste zoons toch waren en hoe het langzamerhand tijd begon te worden, dat de oudste, Gawaine, de gouden sporen zou krijgen en tot ridder worden geslagen. | 
| En juist toen ze daar zo over nadacht, kwam Gawaine zelf thuis van de jacht. Wat zag hij er stralend en vrolijk uit, toen hij de zaal binnenkwam, gevolgd door zijn jachthonden! | 
| "Lieve moeder," zei hij, "waarom zit ge hier zo alleen in de schemering en, waarom kijkt ge zo treurig?" | 
| "Ik zit er over te denken, mijn zoon," was haar antwoord, "dat ik u zo graag geridderd zou zien. Dan kon ge tegen 's konings vijanden strijden, in plaats van de gehele dag op de hazenjacht te gaan. Want de koning, uw oom, verkeert in groot gevaar. Maar helaas, uw vader zal dit nooit toestaan, hij is de koning niet goed gezind." | 
| "Wat mijn vader ook moge zeggen," riep Gawaine uit, "ik zal mij door niemand anders dan door koning Arthur tot ridder laten slaan; want hij is de grootste held van de gehele wereld. En ik beloof u, moeder, dat ik geen dag langer op de hazenjacht zal gaan, nu ik uw toestemming heb voor iets beters. | 
| Toen riep hij zijn drie broeders Agravaine en Gaharet en Gaheries, en sprak met hen over het plan, dat hij gevormd had. | 
| "Dat had ge al veel eerder moeten bedenken!" riep Agravaine uit. Gawaine had namelijk niets meer of minder besloten, dan om met de hulp van enige dappere neven een klein legertje bijeen te brengen en daarmee tegen de vijand op te trekken. | 
| En zie, hun neef Galashin, die in het graafschap Cornwallis woonde, had op hetzelfde ogenblik, toen Gawaine met zijn broeders het grote plan ontwierp, met zijn moeder over hetzelfde onderwerp gesproken. | 
| "Moeder," had hij gezegd, "is koning Arthur werkelijk mijn oom?" | 
|
|
 |
|  |  |  |  |  | Copyright © 2007-2011 Spirituele Praktijk "De Druïde". All Rights Reserved. |  |  |  |  |
 |